“Soms verzet ik alleen even mijn auto.”

Hij kijkt betrapt. Alsof hij opbiecht dat hij stiekem een snoepje heeft gepikt.

“Je auto?” Vraag ik. “Waarom dan?”

“Nou. Zo lijkt het alsof ik weg ben geweest. Zo zien mijn buren dat ik nog leef”

“Jezus Jeroen. Is je leven zo eenzaam geworden?”

“Ach. Eenzaam nog niet eens. Maar wel verdomd stil. Dagen glijden in elkaar over zonder dat ik iemand heb gesproken of gezien.“

“Sluit je jezelf expres af?”

“Nee hoor. Maar dan heb ik teveel buikpijn om de deur uit te gaan. Geen behoefte aan mensen om mij heen. Nestel mij met joggingbroek op de bank. De Nintendo is dan mijn beste vriend.”

“En je vrienden? Buren? Oud collega’s? Zie je die nog?”

“Ja hoor. Soms. Als ik een goede dag heb. Maar onze levens liggen inmiddels mijlenver uit elkaar. De dag doorkomen is topsport voor mij. Soms wel dertig keer per dag met diarree op de plee. Mijn vrienden vinden het kut voor mij maar hebben geen idee hoe het écht is om uur na uur, week na week het brandende zoutzuur uit je reet te voelen spuiten. Zij gaan op in hun carrière, gezinnen en plannen voor het weekend.”

Hij zegt het grof, misschien té grof maar ik snap hem.

Op de fiets naar huis maalt ons gesprek nog door mijn hoofd. Ik rijd via de volksbuurten van Den Haag naar mijn rustige dorp. Donkere portieken. Rijen dichte deuren en gesloten gordijnen. Wat zal zich daar afspelen? Ligt iemand daar net als Jeroen ziek op de bank terwijl de wereld door draait en de maatschappij door raast? Geen contact meer met de echte wereld, met echte mensen maar leven via een beeldscherm?

Als ik mijn eigen rustige straat in fiets stop ik abrupt.

Mijn autootje.
Hij staat daar helemaal alleen.
In mijn hoofd hoor ik de woorden van Jeroen: “Soms verplaats ik alleen even mijn auto zodat men ziet dat ik nog leef.”
Wat een treurig gezicht om mijn auto in mijn lege straat te zien staan na het verhaal van Jeroen.

Ik neem mij voor om in het nieuwe jaar wat oplettender naar verlaten autootjes te kijken.
Eens aan te bellen bij de eigenaar als zijn auto te lang niet van zijn plekje is geweest.
Want misschien geldt voor de eigenaar wel hetzelfde….

X Carlijn

Deze post heeft 4 reacties

  1. Miep Mulder

    Een goed idee Carlijn . Omzien naar elkaar!

  2. Frennie

    Ik ken het, ik kom bijna ook niet buiten.

  3. hans

    Wat is de zin van dit trieste verhaal? Als een stoma een oplossing zou kunnen zijn waarom wordt dat dan niet naar voren gebracht?

    1. Carlijn

      Beste Hans. Dank voor uw reactie op mijn blog. U vraagt naar de zin van mijn verhaal. Met mijn blogs en column in de krant probeer ik een stukje van onze samenleving te laten zien die je niet op straat tegen komt. Er gaat zoveel schuil achter gesloten deuren; in dit geval letterlijk. We leven vluchtig en gehaast waardoor mensen die niet mee kunnen in die stroom wegens gebrek aan energie, geld of gezondheid vaak niet meer gezien worden. Deze jongen zal inderdaad misschien ooit een stoma gaan krijgen en bereid zich daar gelukkig al een beetje op voor, maar ook dat is niet zaligmakend of voor iedereen de ‘oplossing’. Artsen hebben daar gelukkig de beste kijk op en de jongen uit dit verhaal loopt bij goede specialisten. De zin van dit verhaal is vooral dat we met elkaar misschien wat vaker kunnen omkijken naar de mensen die schuil gaan achter gesloten voordeuren….mensen met verlaten autootjes op de stoep.
      De beste wensen voor het nieuwe jaar. Groet Carlijn

Geef een reactie