Duurt het laden te lang? Klik hier

Ken je dat gevoel? Dat je naar een feestje gaat en er op je allerleukst uit wilt zien? Dat ene nieuwe jurkje. Met die gave leren laarzen en bijpassende tas? Zo sta ik nu voor mijn kast. Maar dan met de tegenovergestelde gedachte.

Ik ben mijn koffer aan het pakken. Een koffer met mijn meest simpele kleren. Dertien in een dozijn. Alleen het hoognodige. Geen merken. Niks wat er duur uit ziet.

Nee ik ga niet op kamp of survivallen. Ik vertrek overmorgen naar een internationaal congres in Denemarken. Met als doel betere stomazorg creëren in heel Europa. Er schuiven landen aan waar grote armoede is. Ik geneer mij wanneer ik met hun over de luxe en stomazorg in Nederland praat. De medische zorg in hun thuisland staat in schril contrast met hoe het bij ons gaat.

Drie jaar geleden ontmoette ik bij een zelfde congres in Krakau de Oekraïense Markus. Doodziek geweest. Vijfentwintig jaar oud.

Markus bracht zelfgemaakte kaas en rum mee. Tot diep in de nacht zaten we met een groepje leeftijdsgenoten op de hotelkamer. Wisselden ervaringen uit. De verschillen waren enorm. Ondertussen smikkelden we van de scherpe kaas en zoete rum. In het schemerlicht van een klein lampje. Op en rondom het bed. Zeven jonge lotgenootjes die in gebrekkig Engels hun emotionele levensverhaal vertelden.

“In mijn land zijn de mensen arm.” Begon Markus. “Zij hebben geen geld om stoma materiaal te kopen. Het wordt bij ons niet vergoed zoals bij jullie. Veel mensen laten zich niet eens opereren. Ze verkiezen de dood boven leven met een stoma. Simpelweg omdat er geen geld is voor stomazakjes.”

Hij praatte zachtjes. Gebrekkig Engels met zijn Oekraïense accent. Ik moest mijn best doen om hem te begrijpen.

“Het probleem is niet het geld. Mijn ouders hebben geld. Zij bestellen mijn stoma materiaal in het buitenland. Maar het probleem is dat de stomazakjes mij nooit op tijd bereiken. Ik leef in een onstabiel land. Precies in het gebied van de onrust.”

“En dan Markus? Wat doe je dan?” Vroeg ik hem.

“Dan zit ik dagen op de bank. Met plastic tasjes van de markt om mijn buik gewikkeld. De poep bulkt vierentwintig uur per dag uit mijn buik. Alles stinkt. Ik kan de deur niet uit. Staar naar de deur. Smacht naar de postbode die mijn bestelde stoma materiaal komt brengen. “

Ik kan bestellen wat ik nodig heb. Ja we hebben een hoge zorgpremie. Een hoog eigen risico. Er wordt beknibbeld in de zorg. Maar vergeleken bij Markus knijp ik in mijn handjes dat mijn wiegje in Nederland stond.

En zo sta ik hier voor mijn kledingkast.

Te dubben en te twijfelen over wat ik mee neem. Ik wil het simpel houden. Paar gympen, broek en een trui. Een jurkje voor het diner. En na de laatste avond, wanneer we afscheid nemen in het hotel, zal ik hem heel stiekem een tasje in zijn armen duwen. Een tasje vol oud stoma materiaal wat ik niet meer gebruik. Het zal zijn leven niet verbeteren maar hopelijk wel voor even. En het zal mij, na al die schrijnende verhalen, met een beter gevoel huiswaarts laten keren.

X Carlijn

Delen is Lief

Deze post heeft 2 reacties

  1. Schrijnend en toch een mooi verhaal

Geef een reactie

Sluit Menu

Pin It on Pinterest